• Home
  • Draagmoederschap onder de loep in de Tweede Kamer

Draagmoederschap onder de loep in de Tweede Kamer

Draagmoederschap is erg actueel. In juni wordt in de Tweede Kamer een wetsvoorstel besproken om draagmoederschap in Nederland legaal te maken; die wet is al een aantal jaar in voorbereiding. Daarbij zouden een aantal zaken veranderen in de wetgeving: een van de belangrijkste is dat je je actief mag aanbieden als draagmoeder. Het doel van de wet is om een praktijk die toch al bestaat, maar gepaard gaat met ‘gedoe’, beter te regelen in de wet. Een thema vol ethische spanningen. Welke veelgehoorde voor- en tegenargumenten zijn er zoal, en is draagmoederschap ooit moreel verantwoord?

Voorstanders benadrukken vaak het belang van het vervullen van een kinderwens. Voor veel mensen, waaronder heterostellen met vruchtbaarheidsproblemen en LHBTI-stellen, biedt draagmoederschap een unieke kans om een kind te krijgen. Daarbij staat bij hen centraal: deze kinderen zijn zeer gewenst en komen in een liefdevolle omgeving terecht. Bovendien bestaat de praktijk rondom draagmoederschap al; het is beter om het goed te regelen en te controleren, zodat mensen niet slachtoffer worden van onfrisse praktijken. Voorstanders geven aan dat zeker het kind, maar ook alle betrokkenen, zo beter beschermd worden.

Belang ouders, belang kind
Toch zijn er ook kritische kanttekeningen. Een belangrijk punt is dat het niet alleen zou moeten gaan om de wens van de ouders, maar vooral om het belang van het kind. Tegenstanders van draagmoederschap wijzen erop dat er al tijdens de zwangerschap lichamelijke processen in gang worden gezet, waardoor er een bepaalde vorm van hechting ontstaat. Door het kind van de biologische moeder weg te halen, wordt die band doorbroken. Er gebeurt ook veel tijdens een bevalling dat van belang is voor de hechting, benadrukken critici. Een zwangerschap via een draagmoeder die gebruik maakt van een gedoneerde eicel van een andere vrouw, is ook niet zonder medische zorgen: er zijn meer risico’s op complicaties voor moeder en kind.

Afstamming
Ook speelt het thema afstamming een rol. Er is een hele beweging van verhalen van donorkinderen die elkaar opzoeken en zich afvragen: van welke biologische ouder stam ik af? De lijn van afstamming en de bloedband spelen een grotere rol in de levens van mensen dan soms wordt gedacht – mensen blijven daarnaar zoeken en daar iets bij voelen.

‘Verdingelijking’ van het lichaam
De commercialisering van de draagmoederschapspraktijk wordt ook vaak genoemd als tegenargument. Een draagmoeder kan hele altruïstische motieven hebben, maar ook het ziekenhuis verdient er geld aan, net als zorgverleners en juristen – het is uiteindelijk een hele business waar veel geld in omgaat; het is een miljardenbusiness. In de VS, maar ook in Afrika, zijn er vrouwen, soms in kwetsbare situaties, die hun eicellen beschikbaar stellen tegen tarieven om hun gezin te onderhouden of hun studie te betalen. Hierbij wordt ook wel gesproken over de ‘verdingelijking’ van zowel het lichaam van de vrouw als het kind. In dit verband zijn er ook steeds vaker high profile mensen, zoals celebrities, die zwangerschappen ‘uitbesteden’ aan draagmoeders om het lichaam niet te laten lijden onder een zwangerschap. Zwangerschap wordt gezien als ‘arbeid’ en ook in het economische domein gebracht, in plaats van in het biologische en natuurlijke.

Uiteindelijk blijft de vraag of de wens van de wensouders, die vaak handelen uit liefde en een oprechte wens, opweegt tegen de tegenargumenten. Met daarin centraal de vraag of het belang van deze wensouders zwaarder weegt dan het welzijn en de rechten van het kind.

Dit artikel verscheen eerder in de papieren nieuwsbrief, in Lindeblad 2026-1, en is geschreven door de redactie.


Blijf op de hoogte

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Contact

Adres: Plompetorengracht 1
3512 CA Utrecht
T: 06-15443929 (Tijdens feestdagen en schoolvakanties (regio midden),  zijn wij telefonisch niet bereikbaar)
E: info@lindeboominstituut.nl
Rek.nr: NL47 INGB 0003 8057 45

Inschrijven nieuwsbrief
© 2026 Prof.dr. G.A. Lindeboom Instituut  - Disclaimer - Privacy